Detective

Detective2 4000x1000

Af en toe voel ik me net Sherlock Holmes, speurend naar clous voor de raadsels die zich tijdens het schrijven van mijn boek aandienen. Vorige week was weer een speurweek, waarin ik naar Den Helder reisde om twee archieven te bezoeken. Eén archief was het meest spannend: het Historisch Documentatiecentrum Marinebedrijf. Ik was er namelijk achter gekomen dat daar het personeelsdossier te vinden moest zijn van Jan P., de vader van de hoofdpersoon uit mijn boek. Jan is slechts een bijfiguur in het boek dat ik schrijf, maar geen onbelangrijke. Hij overleed in 1942 aan de gevolgen van een bombardement op de marinewerf, maar pas na een langer ziekbed. Althans, volgens mijn moeder (de hoofdpersoon dus), die toen 4 jaar oud was. Zijn naam komt echter nergens voor op lijsten van slachtoffers. Behalve een overlijdensbericht en een condoleancebrief van de Rijkswerf in Den Helder die niet op de doodsoorzaak ingaan, had ik niets dat bevestigde wat er volgens mijn moeder was gebeurd, en al helemaal niet wanneer dat dan gebeurd moest zijn.

Daar zat ik dan vorige week met het personeelsdossier van Jan voor mijn neus. Jan bleek al sinds 1917 in dienst te zijn, vanaf zijn 22e. In het begin als losse kracht (ZZP’er zeg maar), maar later in vaste dienst. ‘Vaste armoe’, zoals ze toen zeiden. Hij bleek een zeer gewaardeerde werknemer te zijn geweest, al heeft hij tijdens de oorlog wel een boete gekregen wegens ‘het ongeoorloofd meenemen van een zak broodkorsten’. Was dat voor zijn gezin of voor het paardje van zijn oude vader? Ook bevestigde het dossier wat ik kort geleden ook al op een andere manier had ontdekt: dat hij niet pas in de zomer van 1941, maar al met de grote stroom vluchtelingen uit Den Helder in 1940 was weggetrokken. De Rijkswerf werd sinds het uitbreken van de oorlog namelijk voortdurend gebombardeerd. Eerst door de Duitsers, later door de Engelsen om het terug in handen te krijgen. Heel precies waren de bommenwerpers niet, dus de omwonenden liepen steeds gevaar. Overdag werkte Jan, zoals veel van zijn collega’s, op de Rijkswerf en ’s avonds voegde hij zich bij zijn vrouw en twee kinderen die inmiddels veilig op Wieringen verbleven.

Heel interessante informatie, maar het antwoord op mijn grote vraag hoe en wanneer Jan gewond is geraakt werd helaas niet beantwoord in het personeelsdossier. Volgens mijn fantastisch behulpzame contactpersoon in het archief ‘werden dossiers in die tijd niet zo goed bijgehouden’. Ook het In Memoriam van zijn collega’s dat we vonden in het archief, meldde niets over een bombardement. Het verscheen in de door de Duitsers gecensureerde personeelskrant de Werfcourant. Wat de collega’s wel meldden is dat ze niet wisten dat hij zó ziek was geweest. Was dit een eufemisme in tijden dat er niet meer geschreven mocht worden over bombardementen of is hij toch aan iets anders overleden? Ik weet niet of ik er ooit achter ga komen, want heel veel documenten uit die periode zijn kwijtgeraakt of doelbewust vernietigd. Met de stelling van de man die me hielp dat het ‘100% zeker is dat hij niet gewond is geraakt bij een bombardement’ kan ik het niet eens zijn. De bronnen waar dat op gebaseerd is zijn immers onbetrouwbaar en incompleet. Ik houd het erop dat Jan zich groot of stil hield en door alle statistieken heen is geglipt. Zoals misschien wel zoveel anderen?

2 antwoorden
    • Voline
      Voline zegt:

      Wat leuk dat je ook overweegt een boek te schrijven en dat ik je wat heb kunnen inspireren. Hou me op de hoogte, Anna!

      Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *